Op een doodgewone dinsdagmiddag – je weet wel, zo’n dag waarop niks gebeurt behalve dat je ineens zin hebt in koekjes – gebeurde het.
Beertje, onze chihuahua met de onschuldige blik van een Disneyprinses, had haar zinnen gezet op de koekjestrommel. Niet zomaar een trommel, maar de trommel. Die ene die altijd op het aanrecht staat, net buiten bereik. Of tenminste… dat dacht ik.
Emma. Slim, sierlijk, en met een neus voor avontuur. Samen vormden ze een duo dat zelfs Bassie en Adriaan had laten blozen van jaloezie.
Terwijl ik boven dacht dat de rust was wedergekeerd, vond beneden een operatie plaats die Mission Impossible waardig was. Beertje blafte precies op het juiste moment – afleidingsmanoeuvre. Emma sprong op een stoel, van de stoel naar de tafel, en hup! Tegen het aanrecht. Trommel open, koekje eruit, en gedeeld alsof ze nooit iets anders deden.
Toen ik beneden kwam, lagen ze vredig in hun mand. Beertje snurkte. Emma keek me aan met een blik van: “Wat? Wij? Nooit!”
En de koekjes?
Weg. Mysterieus verdwenen.